Meisjesbesnijdenis / vrouwelijk genitale verminking
Vrouwelijke genitale verminking (VGV) is een ingreep aan de uitwendige vrouwelijke geslachtsorganen zonder medische noodzaak. VGV is strafbaar als vorm van (kinder)mishandeling en huiselijk geweld (artikel 284-285, 300- 304, 307, 308 Wetboek van Strafrecht), ook als deze in het buitenland plaatsvindt.
Bij een vermoeden van schadelijke traditionele praktijken, kun je (anoniem) contact opnemen met Veilig Thuis via 0800-2000 of de chat. Veilig Thuis kijkt dan samen naar wat er speelt en wat er nodig is om een oplossing te vinden.
VGV vindt meestal plaats tussen het vierde en twaalfde levensjaar. Maar op een aantal plekken wordt een paar dagen na de geboorte al besneden. Ook tot vlak voor het huwelijk kan VGV plaatsvinden. Soms vindt na een bevalling her-besnijdenis plaats.
Een meisje uit een cultuur waar meisjesbesnijdenis voorkomt loopt extra risico om besneden te worden als ze haar familie bezoekt in het land van herkomst. Vaak gebeurt dat tijdens langere schoolvakanties. Elke zomer verspreidt Jong JGZ daarom brieven via scholen waarin wordt aangegeven dat vrouwelijke genitale verminking strafbaar is, en wat de scholen kunnen doen met signalen die zij ontvangen.